zondag 16 mei 2010

Pispoes



Het eerste wat me opvalt als ik de tas met fotolenzen wil pakken, is de penetrante geur van kattenpis. Het zal toch niet...?

Het zal wel. Als ik de lenzen uit de stinkende tas pak merk ik dat de 85mm plakt. En niet zo'n beetje. Poezebeest heeft een van mijn duurste lenzen uitgezocht als pispaal. De eerste zorg is dat de het glas of de coating van de lenzen is aangetast door het zure vocht. Gelukkig hebben de lenskapjes hun werk gedaan: er is geen vocht op de glazen gekomen. Maar het mechaniek dat je gebruikt om handmatig scherp te stellen zit vastgeplakt! En de zonnekap heeft een zwartfluwelen binnenkant, die blijft nog decennia de geursporen van dit ongelukje dragen.

Pissig
Ik ben nu natuurlijk knap pissig op de poes. Want hij wist best dat mijn foto-tas geen kattenbak of urinoir is. Maar hoe terecht is die boosheid? Kat kan er toch ook niets aan doen dat hij soms moet piesen? Daarbij: ik heb er ook niet echt op toegezien dat hij uit de buurt van de tas zou blijven. Toen het gebeurde was ik er niet bij. En ik heb de tas open op de grond laten liggen, met de kostbare lenzen er zomaar in, op een plek waar de kat kon komen. Dus het voelt niet helemaal terecht om nu boos op het dier te blijven.

Beweging
Met een papiertje weet ik wat van de stinkende drek uit het mechaniek te verwijderen. Er komt weer een beetje beweging in, maar het blijft schokkerig. Ik durf er geen extra water bij te gebruiken en blijf draaien aan die lens, in de hoop  dat het minder stroef wordt. Wonderlijk genoeg werkt de autofocus nog wel goed. Het lijkt erop dat de plakkerige zeik niet al te diep in het mechaniek is doorgedrongen.

Straf
Maar hoe reageer ik mijn boosheid af? Ik zoek nog een passende straf. Voorlopig maak ik geen foto's van de kat. Of alleen maar foto's die ik handmatig heb scherpgesteld. En die dus onscherp zijn.

Zal hem leren.

zaterdag 8 mei 2010

Privé publiek



"Het is net alsof Frodo hier elk moment kan binnenlopen," zegt I. We staan bij de opening van een expositie met foto's en gedichten over de impact van Frodo's fatale ongeluk. Dus naar binnen lopen zal hij niet zomaar doen. Maar I's gevoel is heel herkenbaar. Hier loopt een deel van de mensen die ook naar zijn huwelijk zouden komen.

Vereeuwigd
Frodo is nu nog eens vereeuwigd met zijn Simone. Zo jong en pril als hun relatie was, in beider naastenkringen was men overtuigd dat deze relatie blijvend zou zijn. Al na een paar maanden. Toen reden ze samen in een polder in een ijskoude boerensloot op oudjaarsdag 2008. Een paar dagen later stierven ze: apparaten op de Intensive Care werden uitgeschakeld en voor de naasten begon het echte rouwen.

De foto's zijn van Simones zus Andrea Stultiens. Ze legde liefdevol en heel feitelijk vast hoe haar zus in het ziekenhuis lag, overleed, werd afgelegd, en naast Frodo begraven. Gedichten zijn van Vrouwkje, die in Frodo een trouwe beste vriend verloor. Zij dichtte over de dagen in het ziekenhuis en het jaar na zijn overlijden. Twee vrouwen die in hun radeloosheid en machteloosheid over dit ongeluk gingen doen waar ze goed in waren.

Voyeur
Daags voor de opening vroeg Vrouwkje of ik wilde komen fotograferen. Uit mezelf zou ik dat nooit hebben gedaan. De tentoonstelling zou - dat kon niet anders - wonden openrijten die nog niet geheeld waren. De bezoekers zouden naast mensen uit de Utrechtse literaire wereld en fotografiewereld vooral nabestaanden zijn, familie van haar en van hem. Vrienden. Hun opengereten wonden vastleggen en publiceren voelde als voyeurisme.

En toch ben ik er, met mijn camera. Want Intensive Care gaat niet alleen over de dood, maar zeker ook over het leven. Net als Vrouwkje en Andrea hebben de  bezoekers van de opening allemaal deze crash in hun eigen leven overleefd. En hoe. Er is een zwangere vrouw, zwanger uit een relatie die tussen nabestaanden begon. En degenen voor wie het allemaal teveel was, die hebben ervoor gekozen om er niet te zijn.

Aanwezig
Ja, hij zou hier zomaar kunnen binnenlopen. Sterker nog, hij voelt hier heel aanwezig. We associëren alle mensen hier met hem. We dragen hem, en haar, allemaal met ons mee. En dan schiet het door me heen: als hij er nog was, zou hij - en niet ik - gevraagd zijn om de foto's te maken vandaag.

Lees meer over de expositie op cbk-utrecht.nl

Zwart en zwaar


M kwam langs met haar kandelaars. Ze had een paar weken terug gereageerd op mijn opmerking dat ik wel vaker kunst wilde fotograferen. Omdat voorwerpen zo heerlijk geduldige modellen zijn. De kandelaars waren voor M waardevol geworden omdat ze bij haar opa en oma thuis hadden gestaan. Het was mijn idee om een zwarte achtergrond te kiezen. Die had ik nog niet, en dus vroeg ik mijn moeder eens naar een zo zwart mogelijke lap stof uit te kijken. Zij vond op de Albert Cuypmarkt het ideale stofje: kreukvrij en nauwelijks glimmend. Vier wasknijpers - om het op te hangen -, twee bureaulampjes en de ontbijttafel maakten de opstelling compleet.

Morbide
Het verhaal van de avond had met deze mooie zware kandelaars niets te maken. Dat was M's beeldende relaas over haar bezoek aan Auschwitz en Birkenau. Ze vertelde over de morbide sadistische ideeën die de menselijke geest kan voortbrengen. Het was een mens die nadacht over het fusilleren van Joden - dat dat voor het executiepeloton toch wel erg belastend was. Een mens die bedacht dat je dan ook gaskamers kunt inzetten, en dan een hogere productie kan draaien. Hoeveel zwarter kan de mens worden?

Zegen
In de oorlog werden kamers verduisterd omdat er geen licht naar buiten mocht vallen. Wat een zegen dat wij de huiskamer verduisterden omdat we niet wilden dat er avondlicht naar binnen zou vallen. Wat een zegen dat we onbezorgd konden praten, lachen en doen waar we plezier in hadden. Of dat nou fotograferen was, praten, of muziek maken.

Ontdekking
Tijdens het fotograferen ontdekte M dat haar twee kandelaars niet gespiegeld zijn, maar twee heel verschillende tafereeltjes weergeven. Dat had ze tot nu toe nog niet gezien. Voor mij blijven aan de foto's van vanavond de gedetailleerde verhalen plakken van M, haar indrukken uit Polen. Van vergruiste menselijke resten in omgeslagen broekspijpen, van mensen die elkaar in doodsnood vertrapten en dan in stapels - de zwaksten onder - het leven lieten in de gaskamers. Wat me bijblijft is verbijstering over de liefst onvermoede kanten van de menselijke creativiteit.

woensdag 28 april 2010

Een afscheid


Meneer S is overleden. De oude man zat drie weken geleden nog in zijn tuin. Toen gingen er ineens dingen schuiven in zijn wankele leven. 

Hij zou het huis uit moeten. Met zijn vrouw en looprekje naar een verzorgingshuis. Weg bij zijn vogeltjes - want wie wil er nou in een verzorgingshuis een buurman met kwetterende vogels? Weg bij zijn bloemen, bij de lieve buren in de mooie straat. Weg uit het volle leven, naar het voorsorteervak voor de dood. Of het daaraan lag? Zijn lichaam wilde niet meer. Daags voor de verhuizers kwamen, werd hij naar het ziekenhuis gebracht.  Hij gaf er de pijp aan Maarten.

Morgen krijgt hij weer een plek onder kwetterende vogels, en een eigen tuintje. Er zullen mensen zijn die het voor hem onderhouden. En hij zal daarvan genieten.

Een paar weken geleden maakte ik een portret van hem. Ik vond zijn ogen al moe, zijn blik krachteloos. Maar zijn kinderen en weduwe zagen hem op de foto zoals hij was. En er waren niet veel foto's van hem. Na lang zoeken kon mevrouw S een pasfoto opdiepen, van 20 jaar geleden. Veel recenter beeld van hem had ze niet. Dat was ook niet nodig. Hij was er immers altijd zelf.

dinsdag 27 april 2010

Klamme handen in een trouwzaal

Ja, ik kom er eerlijk voor uit. Toen we daar in die trouwzaal zaten en ik mijn derde geheugenkaartje niet kon vinden, zat ik best even in de rats. Daar was bij het inpakken van de tas toch iets fout gegaan. 

Alles heeft een vaste plek. Batterijen in een voorvakje, batterijladers in een ander vak. Lenzen, flitser en camera in het hoofdvak. Geheugenkaartjes in een voorvakje. Altijd. Behalve nu. 6GB aan foto's al geschoten, en nog uren van gezelligheid voor de boeg. En de camera die me vertelde dat er geen ruimte meer is voor extra beeld. Oei.

Terwijl de plechtigheid vorderde, besloot ik ruimte te winnen door de mislukte foto's alvast er tussenuit te halen. Het goede nieuws was dat er weinig foto's echt op het LCD-schermpje van de camera al echt als mislukt uitzagen. Het slechte nieuws was dat ik nu dus ook maar weinig ruimte voor extra plaatjes kon terugveroveren.

Dus toch maar even goed zoeken nog. Hopen dat mijn gerommel en binnensmonds gevloek niet teveel zou opvallen. Onder een van de lenzen vond ik uiteindelijk toch het kleine platte doosje met daarin het extra geheugenkaartje. Helemaal de verkeerde plek. Maar in elk geval wel in de goede tas - de mijne. Die onder de goede stoel - ook de mijne - stond. Ik kon weer even toe.

En mijn transpiratievlekken kon ik toeschrijven aan de warmte in de zaal.

zondag 18 april 2010

Een tuin

 
Meneer en mevrouw S moesten verhuizen. Het lukte hen - volgens hun kinderen - niet meer om nog vijf jaar voor zichzelf te zorgen. Zo waren ze ingeschreven voor een plek in een verzorgingshuis. En nu waren ze aan de beurt. Binnen een week moesten ze erin, anders verloren ze hun recht op de plek.

Missen
Ze zouden hun tuin zo gaan missen, wist hun buurvrouw, die vriendin van mij is. Van haar kwam het verzoek - we hadden er al eens over gebrainstormd: Kon ik niet eens langskomen om wat foto's van die tuin te maken. Terwijl zij in de tuin praatte met de oude meneer S, ging ik op mijn knieën door hun trots. Waar de komende weken nog veel meer tot bloei gaat komen. Het plan van de vriendin is om de foto's in een boek te zetten. Met ook foto's van de mensen in de straat. En foto's van die straat uit alle seizoenen. Ze heeft zelf nog mooie straat-winterfoto's.

Opschieten
't Is erg de vraag of de foto's voor meneer nog op tijd gaan komen. In een paar verdrietige dagen takelde hij snel af. Dronk niet, en toen weigerden zijn nieren. Hij werd naar het ziekenhuis gebracht nog voordat de verhuizers kwamen. Mevrouw sliep de laatste nacht in hun huis alleen. En ze sliep de eerste nacht in hun nieuwe huis ook alleen. Zal hij dat nieuwe huis nog zien? Zullen ze elkaar nog zien?

zondag 11 april 2010

Voorgesprek


We liepen het dagprogramma door. Het werd een eenvoudige bruiloft, met weinig gasten en nog minder poeha. Nuchtere Nederlanders als ze waren vonden Y en J die kermis niet nodig. Ze vonden het wel fijn om te trouwen, maar vooral hij verheugde zich meer op het getrouwd zijn.

Andere plek
De fotoreportage, daar zag hij nogal tegenop. 't Was dat het erbij hoorde, maar anders had hij het liever niet gedaan. Hij stond niet graag in het middelpunt van de belangstelling. Bij mij gingen alle alarmbellen af. Dit ga je zien, dit worden geen ontspannen portretten. Al pratend kwamen we erachter dat hij op een andere, minder openbare locatie geen moeite had met een fotosessie. Sterker nog: verlost van de druk van vreemde nieuwsgierige ogen leek hij er zin in te krijgen. De eerste winst voor de reportage was geboekt.

Engelen
Sommige mensen willen graag op de foto met de glimmende auto die ze voor de trouwdag hebben gehuurd. Bij dit stel moest ik alert zijn op lieveheersbeestjes. Die waren er op de cruciale momenten in haar familiegeschiedenis altijd bij geweest. Er liep er eentje op het lint van een rouwboeket tijdens de uitvaart van haar oma. En op een onwaarschijnlijk moment in het jaar was er ineens weer een, wederom bij een begrafenis. Als groet of steun vanuit het hemelrijk. Y en J vertelden hoe overal in hun huis lieveheersbeestjesmotieven terugkwamen. Dus ook de macrolens gaat mee. (En een klein  potje, als mijn dochter wil meehelpen zoeken. Nog even over denken of ik dat ethisch verantwoord vind). Dat was de tweede winst.

Tranen
Ik hoorde familieverhalen, en wist daardoor op welke momenten, mensen en relaties ik extra alert ging zijn. De moeders hadden niet zoveel met elkaar. Dus als daar nu toch een onderonsje zou ontstaan, was het erg leuk om dat vast te leggen. En dan was er de muziek die gedraaid ging worden, met dat speciale verhaal erbij. Daar zouden tranen komen. Die dingen te hebben besproken, nu te kunnen verwachten. Dat was de derde winst.

Welkom
Het wordt een heel intieme bruiloft. Inclusief de voorganger, bruidspaar en mijzelf zullen er 23 mensen zijn, waaronder vijf kinderen. Over elk van de gasten vertelden ze me iets. Ik kreeg zo een persoonlijk inkijkje in hun leven, hoorde vertellen over de mensen die naast hen hadden gestaan als het leven tegenzat. En ze vonden het fijn dat ik een van hun gasten was. De vierde winst.

Armslag
De vijfde winst vond ik het lastigste te bespreken. Als fotograaf wilde ik vooral registreren, niet interrumperen en al helemaal niet regisseren. (Bij de fotosessie was dat natuurlijk anders, maar daarbij was de rolverdeling natuurlijker) Hoeveel ruimte gaven zij me tijdens de trouwceremonie? Het antwoord kwam neer op: zoveel als ik nodig vond om de foto's te maken die ik wilde maken. Dus als de camera nog niet is ingesteld op het moment dat het nieuwe echtpaar elkaar mag zoenen, of als ik dan net de batterij moet vervangen, mag ik vragen om een extra lange zoen. Of nog een. Voor de foto.

Het wordt een mooie dag.